bitloos paardrijden petra mensink PMC bitloos hoofdstel cursus les

Bitloos Paardrijden

Kennisbank - Online Academy - Webshop PMC bitloos


Zo hard of zo zacht als de ruiterhand

We lezen en horen het zo vaak: "Een optoming is zo hard of zo zacht als de ruiterhand". Evenals "Een bit is helemaal niet erg" (of zelfs 'fijn' of 'nodig') en "Met een bitloos hoofdstel kun je ook/juist/veel schade aanrichten".
In dit artikel vind je het antwoord op de vraag "Is dat wel zo?".

zo hard of zo zacht als de ruiterhand bit bitloos

Hard en zacht

Een harde optoming is een optoming met een klein en hard oppervlak, en is ng harder met een hefboomwerking.
Een zachte optoming is een optoming met een groot en zacht oppervlak, en zonder hefboomwerking.
De inwerking van een harde optoming is scherp en pijnlijk. De inwerking van een zachte optoming is vriendelijk en zacht.
Dit is algemeen geldend, ongeacht de ruiterhand.

Of een optoming hard of zacht inwerkt - of anders gezegd - of de inwerking door het paard als hard/pijnlijk of als zacht/vriendelijk wordt ervaren, is niet alleen afhankelijk van de soort optoming of de ruiterhand, maar ook van waar op of in het lichaam de inwerking plaatsvindt. In het geval van paardrijden zijn dit de mond en de neus, en in veel gevallen ook de nek en de kin.

Wat je nodig hebt om voor jezelf te kunnen bedenken of de optoming waar je mee rijdt hard of zacht is voor je paard, is kennis van de anatomie van het paard en van een stukje natuurkunde.
Aangezien veel ruiters zich hier niet in verdiepen, zet ik in dit blog de voornaamste feiten samenvattend op een rij. In de tekst staan verwijzingen naar mijn blogs, artikelen en video's die uitleg geven over dat specifieke onderwerp, zodat je je verder kunt verdiepen.

Anatomie

De mond van een paard is n van zijn meest gevoelige lichaamsgebieden.
De mond bestaat kort gezegd uit mondslijmvlies, tanden, kiezen, lagen, verhemelte, wangslijmvlies, mondhoeken en de tong, alsmede zenuwen, zenuwuiteinden, spieren en bloedbanen. Lees ook mijn artikelen Anatomie van het paardenhoofd, Het paardengebit en De tong van het paard.

  1. In het zeer dunne en zeer gevoelige mondslijmvlies bevinden zich veel zenuwen en zenuwuiteinden. Dat het mondslijmvlies zo gevoelig is, blijkt bijvoorbeeld uit het feit dat de kauwspieren ongeveer tien tot twintig keer sneller op prikkels reageren dan bijvoorbeeld de beenspieren van het paard.
     
  2. De wortels van de tanden en kiezen zijn verbonden met zenuwen. De zenuwen lopen door de gehele mond, dus ook daar waar geen tanden en kiezen zitten, oftewel de lagen. Dit noemt men 'het vrije gedeelte' voor het bit, terwijl het daar - vanwege de dunne randen, het dunne slijmvlies en de vele zenuwen - supergevoelig is.
     
  3. De zenuwen in het hoofd en rond de neus liggen veel dieper en bovendien beschermd door de huid en de vacht (bindweefsel, onderhuid, lederhuid, opperhuid, het haarkleed en huidvet). In mijn blog Druk in de mond versus druk op de neus / rond het hoofd staat een tekening van de doorsnede van de paardenhuid, waarop je dit kunt zien. Bekijk ook mijn video over de gevoeligheid van de mond en de neus van het paard:

     
  4. De lagen van het paard zijn twee dunne randen van de onderkaak. Omdat de lagen zo dun zijn, zorgt een bit - dat vanwege de ronde vorm ook al een klein oppervlak heeft - voor enorme puntdruk.
    zo hard of zo zacht als de ruiterhand bit bitloos
     
  5. De onderkaken van onze paarden zijn dermate smal dat er geen ruimte is voor de tong om naar beneden te zakken zodra er een bit op komt te liggen. Hierdoor knelt het bit in de tong en het verhemelte, en hebben vooral een enkel- of dubbelgebroken trensbit een notenkrakereffect. Bij paarden met een laaghangend rooster is dit een nog groter probleem, aangezien bij hen de ruimte in de mond ng kleiner tot vrijwijl nihil is. Een tongboogbit biedt ook geen oplossing, aangezien de tongboog vervolgens in het gevoelige verhemelte drukt.
    Hier zie je foto's van twee KWPN merries; je ziet dat de hele mond gevuld is en dat er simpelweg geen ruimte is voor een bit.

    zo hard of zo zacht als de ruiterhand bit bitloos
     
  6. De tong van het paard is - op de geslachtsdelen na - het gevoeligste orgaan van het paard. Bij druk op de tong ontstaat er spanning in de tong en daarmee ook in de kaken, nek, hals, borstbeen, schouders, voorbenen en de rest van het lichaam. De tong van het paard is namelijk met een aantal tongspieren verbonden met tongbeentjes (botjes in de keel). Vanuit die tongbeentjes lopen twee belangrijke halsspieren: de n loopt naar het borstbeen en de andere loopt naar de binnenkant van de schouder. Behalve dat de druk van het bit spanning, verkramping en stress veroorzaakt, vermindert het ook de doorbloeding van de tong en stagneert dit zelfs bij extreem hoge druk (blauwe tong). Ontspanning door op het bit te kauwen is dus een fabeltje en anatomisch gezien onmogelijk.
    Uiting van tongproblemen door het bit: fysieke spanning, mentale spanning, rug vastzetten, op de voorhand lopen, het hoofd omhoog of achter de loodlijn brengen, staartzwiepen, hoofdschudden, het bit aan n kant 'vastpakken', verstijven, vasthouden, 'pullen', de tong tegen, over of achter het bit leggen, de tong oprollen en de tong uit de mond leggen.

     
  7. Veel paarden hebben dik en overmatig wangslijmvlies, dat al gauw klem komt te zitten tussen het bit, de lagen en/of de voorste kiezen. Vaak zie je ook wondjes in de wangslijmvliezen.
     
  8. Ontwikkelde wolfskiezen zijn enorm gevoelig en wanneer het bit hier tegen aan komt, is dit erg pijnlijk. Daarom worden de wolfskiezen vaak standaard verwijderd, wat op zich goed is wanneer met bit gereden wordt, maar het is een onnodige ingreep wanneer er bitloos gereden wordt.
    Wanneer een paard op jonge leeftijd met een bit wordt gereden, dan kunnen wolfskiezen in het tandvlees teruggedrukt worden (onzichtbare wolfskiezen). Ze zijn dan wel onderhuids aanwezig in de lagen, maar niet zichtbaar en de druk van het bit zal dan veel pijn veroorzaken.
    En blinde wolfskiezen groeien niet boven het tandvlees uit, maar zijn meestal wel duidelijk voelbaar als een bultje onder het tandvlees. Ook dit kan grote problemen veroorzaken, aangezien de stand van de blinde wolfskies er voor zorgt dat er een 'driehoek' ontstaat, waardoor ze altijd zeer pijnlijk door het bit geraakt worden.
     
  9. Wanneer er iets in de mond ligt, dan vindt er automatisch speekselaanmaak plaats, waardoor er vaker geslikt moet worden (leg maar eens een paperclip in je mond, dan voel je wat er gebeurt). Het meer moeten slikken heeft invloed op de ademhaling. Je kunt namelijk niet slikken en ademhalen tegelijkertijd. Bovendien wordt het slikken lastig gemaakt door het bit, aangezien tijdens het slikken de tong tegen het verhemelte wordt gebracht. Wanneer de druk op de tong hoog is, wordt meer speeksel aangemaakt dat niet tijdig weggeslikt kan worden en dan ontstaat er overmatig speeksel dat dik, kleverig en wit van kleur wordt; dit noemen we schuim.
    Schuim is nog veel lastiger weg te slikken en dan zie je het schuim naar buiten komen en zelfs als kwijl uit de mond lopen. Dit is een alarmbel dat het paard het in feite stikbenauwd heeft en belemmerd wordt in zijn ademhaling en slikbewegingen. Je kunt je vast voorstellen dat deze staat van zijn gepaard gaat met angst.
     
  10. Gedurende de eerste 5 levensjaren van het paard is de mond ng gevoeliger dan op volwassen leeftijd. Het doorkomen en wisselen van tanden en kiezen en het groeien en vormen van de kaken zorgt voor pijn, te vergelijken met het doorkomen van tandjes en kiesjes van baby's en het wisselen bij kinderen. Zo kan een paard, net als een baby of peuter, dagenlang pijn hebben en daardoor mentaal en fysiek niet in staat zijn om 'arbeid' te verrichten, laat staan dat het paard op die jonge leeftijd een bit kan verdragen.
     
  11. Doordat er geen ruimte in de mond is voor een bit, komt het bit tijdens het rijden bij teugeldruk tegen de voorste kiezen (molaren) te liggen. Ook wordt bij een ophouding de tong van het paard iets naar achter gedrukt, waardoor de tong in de randen van de voorste kiezen wordt gedrukt. Omdat dit zeer pijnlijk is voor het paard, worden steeds vaker bitseats gemaakt; minstens een kwart van de kies wordt weggevijld en afgerond.
    zo hard of zo zacht als de ruiterhand bit bitloos
     

Tot zover een samenvatting van de anatomische aspecten bij het rijden met een bit.

Dan heb je nog wat kennis van natuurkunde nodig om te kunnen bepalen of een optoming hard of zacht inwerkt.

Natuurkunde

  1. Bij het paardrijden ontstaat druk, in dit geval in de mond (bit) en op de neus of het hoofd (bitloos). Druk is de kracht gedeeld door het oppervlak. Dit betekent dat op een groter oppervlak de kracht wordt verdeeld en de druk lager is dan op een kleiner oppervlak waarop de druk minder, nauwelijks of niet wordt verdeeld. Het bit heeft - mede door de ronde vorm - een zeer klein oppervlak. Een neusriem - mits niet rond gevormd of zeer smal - heeft een groter oppervlak.
    Uit diverse onderzoeken naar teugelkrachten (metingen met de teugeldrukmeter) is gebleken dat gemiddelde ruiters met een behoorlijke kracht op de teugels rijden, terwijl ze zelf in de veronderstelling zijn dat ze met zo'n 2 kg per teugel minder teugeldruk rijden dan dat ze daadwerkelijk doen.
    Tijdens een onderzoek in Nederland (De Cocq 2008) werden gemiddelde teugelkrachten gemeten van bijna 3 kg per teugel in stap, ruim 3 kg per teugel in draf en 3,5 kg per teugel in galop. Als je nu wilt weten hoeveel druk die krachten veroorzaken in de mond of op de neus van het paard, dan deel je de grootte van het oppervlak (bit of neusriem) door die kracht en dan weet je de druk per vierkant mm of cm.
    Bij een klein oppervlak is die druk dus hoger dan bij een groot oppervlak. En zo weet je ook dat de druk in de mond flink hoog kan oplopen. En weet je tevens dat hoe breder de neusriem is, hoe lager de druk op de neus zal zijn. En een hoge druk geeft een hogere pijnbeleving dan een lage druk.

     
  2. Inwerking van het bit zorgt voor ventrale, laterale en dorsale krachten in de mond. Ventrale krachten drukken in het midden tegen de tong en vooral lateraal tegen de randen van de onderkaak. Dorsaal geleide krachten bereiken het verhemelte, juist wanneer bitten te ruw worden gebruikt of wanneer bitten omhoog bewegen. De ventrale krachten kunnen schade aanrichten aan de onderkaak. Vooral de achterwaarts geleide krachten belemmeren de voorwaartse beweging van het paard en veroorzaken hoge krachten op het kaakgewricht, de nek en de wervelverbindingen.
     
  3. Krachten werken sterker in bij bewegingen. Het paardenhoofd beweegt continue, evenals het bit en de ruiterhanden. Wanneer een paard zijn hoofd omhoog brengt, loopt de druk in de mond al gauw 6 keer zo hoog op (onderzoek Clayton).
     
  4. Verder kennen we het natuurkundige begrip hefboomwerking, zowel bij bitten als bij bitloze hoofdstellen. Een hefboomwerking vergroot de afstand tussen de kracht en het voorwerp, zodat je met een minieme beweging een enorm hoge druk op de mond of de neus van het paard kunt uitoefenen.
    Hefboomwerkingen zien we bij bitten zoals de liverpool, pessoa en ophaaltrens, en ook bij bitloze optomingen zoals de hackamore.

     
  5. Wanneer een bit in de mond ligt, dan is er een continue druk, ook wanneer je met doorhangende teugels rijdt. Bij een bitloos hoofdstel kun je altijd een release geven. De neusriem ligt dan nog wel op de neus, maar aangezien een neusriem (in ieder geval een neusriem zonder ijzer) nauwelijks iets weegt, is er nauwelijks sprake van druk.

Feiten

De anatomie van het paard is een feit, de natuurkundige principes zijn feiten en de uitkomsten van onderzoeken zijn feiten.

Dat bitgebruik leidt tot schade en pijn in de mond, blijkt uit de vele kapotte lagen, beschadigde wangslijmvliezen, tandvleesontstekingen, gefractureerde kiezen, beenvliesirritatie (wat kan leiden tot beenvormingen/botwoekeringen van de onderkaak), scheurtjes in de mondhoeken, bloeduitstortingen, mondzweren, beschadigd gehemelte, beschadigde en zelfs kapotte tongen, die paardentandartsen en gebitsverzorgers in hun werk tegenkomen en ook steeds vaker op social media durven te delen. Ook dat zijn feiten.
En dan vergeten we nog de vele paarden die wel verzet tonen maar waar niet naar geluisterd wordt en waarbij verdrietig genoeg geen grondige mondinspectie plaatsvindt.

Schade aan het neusbot daarentegen is nog nooit aangetroffen, ook niet tijdens archeologische onderzoeken. Het neusbot is dankzij de boogconstructie dermate sterk dat het paard zijn neus in kan zetten bij een gevecht (wat overigens geen vrijbrief geeft om met een hard bitloos hoofdstel te gaan rijden, want het paard heeft natuurlijk wel gevoel in de huid van de neus). Leg wel de neusriem op de juiste plek op de neus en gebruik een brede, zachte neusriem.

Dat de mond veel gevoeliger en veel kwetsbaarder is dan de neus, is dan ook een feit.

En een feit is dat we in de praktijk zien dat een paard zonder bit veel meer ontspannen is, veel soepeler door zijn lijf loopt, zijn passen veel ruimer zijn, veel meer vertrouwen heeft en veel beter in contact is met de ruiter in plaats van continue met het bit bezig te zijn. En gezien al het bovenstaand is dat ook z logisch.

De ruiterhand

Dat iedereen met een zachte hand rijdt, is echter een fabel.
Ik wil niemand afvallen of beledigen, maar ik zie die zachte ruiterhanden maar zeer zelden en ze zijn eerder uitzondering dan regel. Harde handen herken je aan: het trekken, zagen, rukken en kneden in de teugels, handen die laag en breed gehouden worden, handen die een vuist vormen, handen die we ook wel 'piano handen' noemen, handen die brede teugels vasthouden, of teugels met grip, en handschoenen aan hebben tijdens het rijden, handen die op en neer schudden, handen die wiebelen, handen die het paard aan de voorkant tegenhouden terwijl het paard tegelijkertijd aangespoord wordt om voorwaarts of sneller te gaan, en handen die het paard belemmeren om zijn hoofd te bewegen. En in de zomer zie je ook de aangespannen armspieren van de ruiter wat er op duidt dat de ruiter meer aan het gewichtheffen is dan aan het paardrijden.

Nu wil ik benadrukken dat het hebben van een harde hand geen schande is. Zelf heb ik me er ook schuldig aan gemaakt (en ook schuldig over gevoeld). We hebben allemaal moeten leren paardrijden en een stabiele, onafhankelijke zit moeten ontwikkelen, waar een zachte hand onderdeel van is. En het kan ook zijn dat je geleerd hebt om met harde hand te rijden, terwijl dat niet zo genoemd wordt, maar omdat dat het zo 'hoort'. Feit blijft dat de meeste ruiters helemaal geen zachte hand hebben en geen zachte teugelvoering hanteren. En toch wordt het veelvuldig als excuus gebruikt om met een harde optoming te rijden. En dt vind ik wel kwalijk.

bitloos hoofdstel rijden sidepull kaptoom optoming les cursus aanleuning

Conclusie

De ruiterhand bepaalt niet of een optoming hard of zacht inwerkt.
Als ruiter kun je wel gradaties aanbrengen, dus ng harder inwerken of ng zachter zijn.
Met een zachte optoming kun je ook harde handen hebben, maar de inwerking voor het paard is dan altijd nog zachter dan met een harde optoming.
En met een harde optoming kun je met zachte handen rijden, maar dan nog is een kleine beweging en een klein beetje druk op de teugels voldoende om hard (pijnlijk) op het paard in te werken, wat dan fijne, subtiele en duidelijk hulpen worden genoemd.

Als ruiter en als partner van je paard kun je een bewuste keuze maken. Voor je paard, voor jezelf, voor jullie relatie en voor jullie communicatie en samenwerking tijdens het rijden.

Met een zachte hand en een zachte optoming rijden

Is dit artikel een eyeopener voor je en wil jij het voortaan anders doen? Zou jij ook dusdanig willen rijden dat je de teugels, en in ieder geval de pijninwerking van het bit of de scherpe neusriem, niet meer nodig hebt? Wil je jezelf ontwikkelen als ruiter en als partner van je paard, en heerlijk ontspannen bitloos in vertrouwen genieten met je paard? Kijk dan bij de Online Academy hoe je dat kunt gaan doen. Of ga direct naar de webshop voor een zachte bitloze optoming uit de PMC bitloos lijn.

Zorgeloos bitloos - zacht en subtiel paardrijden

In mijn boek Zorgeloos bitloos geef ik jou belangrijke inzichten in je paard, jouw hulpen, jullie communicatie en het rijden met en zonder bit. Na het lezen heb je de nodige kennis,inzichten,tools en handreikingen om in werkelijke harmonie te gaan en blijven rijden met jepaard. Te bestellen via www.zorgeloos-bitloos.nl.

boek e-book zorgeloos bitloos

Wat kun je nu meteen doen

Als je nu direct info en handreikingen in je mailbox wilt ontvangen, maak dan gebruik van onderstaand formulier en ontvang meteen mijn GRATIS online Masterclass in je mailbox.

        
        

Ook interessant


Zo hard of zacht als de ruiterhand is een artikel van Bitloos Paardrijden.
Auteur: Petra Mensink, d.d. 29 mei 2018.
Copyright 2018 Bitloos Paardrijden, all rights reserved.
Dit artikel is tevens gepubliceerd in Level Up Horsemanship magazine nummer 17 september 2018