bitloos paardrijden petra mensink PMC bitloos hoofdstel cursus les

Bitloos Paardrijden

Kennisbank - Online Academy - Webshop PMC bitloos


Van manegeruiter naar paardenhouder

Het inspirerende verhaal van Sylvia Keizers.

Als 19 jarige ging ik uit nieuwsgierigheid mee naar een manege. Ik was wedstrijdzwemmer en de tijd kwam om daarmee te stoppen. Ik nam 10 lessen en kon al vlot lichtrijden en galopperen. Het ging me makkelijk af en ik was zomaar besmet met het paardrijdvirus. Na een vakantie in Lipica al helemaal! Ik ging meer dan één keer per week lessen en deed af en toe een wedstrijdje. Dressuur vond ik saai, springen was leuk. Ik won de eerste onderlinge wedstrijd en ging door voor de clubkampioenschappen die ik toen ook nog won. Helaas ging de eigenaar met pensioen; ik reed daar nog geen jaar. Ik ging op een andere manege rijden en daar heb ik veel ongelukken en slechte omgangsvormen met de paarden gezien. De paarden waren ongelukkig en onbetrouwbaar. Ik ben snel gestopt. Pas jaren later ging ik weer rijden, op de prestigieuze Hollandsche Manege midden in Amsterdam. Ik reed graag en goed, deed weer wedstrijden, kocht een wedstrijd tenue, kreeg complimenten over mijn doorzitten en vriendelijke hand, maar... ik kreeg vragen.
"Waarom moeten we links opstijgen?"
"Waarom schrikken paarden zo heftig?"
"Waarom staan ze op stal als wij ze niet rijden, ze zijn toch kuddedieren?"
"Waarom rijden we met een bit?"
"Waarom zijn sommige paarden zo boos als je hun stal inloopt?"
"Waarom moet je sommige paarden slaan met een zweep voordat ze iets willen doen?"
Mijn vragen werden vaak niet beantwoord, maar soms wel: "het is nu eenmaal zo" en "iedereen doet het zo". Ik begreep het niet. In combinatie met de ongelukken die ik zag gebeuren en de heftige schrikpartijen, hield ik het voor gezien. Ik was bang geworden, voornamelijk uit onbegrip.

Ommekeer

In 2000 kwam de ommekeer met een videoband van Emiel Voest. Iemand vroeg of ik haar paard een keer per week wilde verzorgen en met Jazz ben ik toen de paardentaal gaan leren. In de zomer stond Jazz in een weide met heel veel andere paarden. Ik heb daar eindeloos gezeten om de paardentaal te bestuderen. Wie deed wat? Maar vooral waarom? Op stal wilde ik ook weten of je zonder bit en zonder zadel kon rijden. Ik ben het zelf gaan uitproberen met een stalhalster en halstertouwen. Zonder zadel was echt op de blote rug, want een barebackpad had ik toen nog niet, maar het voelde zo goed. Je kon iedere spier voelen bewegen. Ook opkomende spanning bij het paard kon je zo snel voelen, wat ik met het zadel wel eens te laat voelde. Ik voelde me niet onveilig op Jazz, maar buitenrijden deed ik zo niet, dan ging het bit er weer in. Echter toen de eigenaresse zag dat ik grondwerk deed en zonder zadel en bitloos reed in de bak, stuurde ze me weg omdat zij wedstrijdambities had en ik haar paard kreupel maakte met die onzin. Maar mijn acties waren niet onopgemerkt gebleven: iemand op stal vroeg me om juist met haar paard te doen wat ik met Jazz niet mocht doen.

Toen zij op vakantie ging, stelde ze me voor aan Marga, om samen voor haar paard te zorgen tijdens die vakantie. Marga heeft haar paarden aan huis en wilde graag op deze manier met mij aan het werk gaan, ook met haar paarden. Samen hebben we haar Friese paard Qjeltsy beleerd op een paardvriendelijke manier. Een levenslange vriendschap tussen mij en Marga was geboren. Qjeltsy was wel zadelmak, maar meer ook niet. We zijn begonnen met grondwerk en dubbele lange lijnenwerk. Daarna alles nog eens met zadel erop, en daarna alles met zadel en passieve ruiter. Daarna nam de ruiter steeds meer over en leerden we haar de hulpen. We werkten redelijk intuïtief, en achteraf denk ik nu nog steeds dat dat een goede methode was. Zonder geweld, zonder verzet bij het paard, rustig en in het tempo dat het paard aangaf.

Mensenproblemen

De dierenarts waar ik wel eens kwam met mijn katten, had een eigen paard en zocht een bijrijder. Julia had Mack in een uitloopstal in Aalsmeer gestald en trainde hem volgens de methode van Pat Parelli. Ik had daar nog nooit van gehoord, maar zij was level 3 en ging mij leren wat ik nodig had om goed met Mack overweg te kunnen. Rijden met een touwhalster en een losse teugel en eigen balans houden! Zij was veel verder dan ik en reed wel met een bit en aanleuning, maar heel anders dan ik tot dan toe gewend was. Ik begon me in hoog tempo alles aan te leren. Hoe meer ik leerde, hoe groter het verschil werd tussen ons en de andere ruiters op deze pensionstalling. De training met Mack ging over lichaamstaal. Ik moest zijn lichaamstaal goed lezen om te weten hoe en hoe snel ik verder kon gaan. De andere ruiters stonden niet zo open voor lichaamstaal van het paard. Zij konden hun 'woeste rossen' slechts beteugelen met een slofteugel. De pijn en het ongemak van de paarden zagen zij niet of wilden ze niet zien. Ik moest vooral ergens anders gaan rijden met mijn bitloze optomingen, want dat was levensgevaarlijk in hun beleving. Toch waren er toen ook al mensen die me voorzichtig vragen gingen stellen. "Mijn paard steigert als ik ga rijden, maar de dierenarts en zadelmaker zeggen dat er niets aan de hand is. Wat zou jij doen?" Mijn antwoord was toen al: "Kijk naar je paard, het uit zich misschien tijdens het rijden, er moet al eerder iets misgaan of het paard geeft al eerder signalen". Dat bleek ook zo te zijn. Ik zag steeds vaker dat paardenproblemen eigenlijk mensenproblemen waren. Mensen die fysiek of mentaal uit balans waren en een paard deed zijn best er nog iets van te maken. Maar ook mensen die met de beste bedoelingen scherpe hulpmiddelen en ruwe trainingsmethoden gebruikten, gewoon omdat ze niet beter wisten.

Julia ging terug naar Australië en Mack werd verkocht. Thea, die haar paard op dezelfde stalling had staan, zag haar kans schoon en vroeg me of ik haar Quartermerrie Misty wilde verzorgen. Misty had een schouderblessure, was al op leeftijd en had een verleden als barrelracer. Iedere vrijdag ging ik zolang mogelijk naar haar toe, in de eerste plaats om haar uit haar stalletje te halen waar ze veel te veel uren in doorbracht. Omdat ze niet altijd bereden kon worden, gingen we eindeloos wandelen in het Amsterdamse Bos. Tijdens die wandelingen gingen we de wereld verkennen. Boomstammen, gaten in de grond, stapels bladeren, modderpoeltjes, sloten: alles was leuk. Ik kwam erachter dat ze niet over een hindernis kon/durfde te springen, dus gingen we het rustig opbouwen. Ze kon zich plotseling enorm druk maken om van alles en nog wat, dus bedachten we dat als zij cirkels ging lopen om mij heen, dat zij dan kon doen waar zij behoefte aan had ("ik moet loooopen") en ik bleef rustig en veilig. Ik ploos boeken en dvd's uit om bruikbare tips om problemen paardvriendelijk op te lossen. Na verloop van tijd legde ik het leidtouw over haar nek. We liepen los samen en konden afwisselend leiden en volgen.

Op een van deze dagen zag ik in de rijbak een vrouw rijden op een Arabier. Het zag er leuk uit, zeker als je bedenkt dat ik zelf nauwelijks meer reed. Ik sprak haar aan. Kirsten was de bijrijder van Joya en ze reed hem meestal in de bak. Ze liep wel tegen wat problemen aan en samen gingen we kijken of we er iets mee konden. Ik leerde haar wat grondwerk en bitloos rijden. Ze bleef omgaan met paarden moeilijk vinden. Nu is ze in de leer bij Klaus Hempfling en leert daar veel over zichzelf.

Tussen 2000 en 2006 had ik alles gelezen wat er te lezen valt op het gebied van paardentaal, paardengedrag, Natural Horsemanship en natuurlijk paarden houden. Ook ging ik naar workshops, lezingen en demonstraties en zoog alle informatie in me op. Ik had een compleet beeld in mijn hoofd hoe ik het zou doen als ik zelf paarden had. Met in mijn achterhoofd de gedachte dat dat nooit zou gebeuren. Ik woonde in Amsterdam, werkte in het onderwijs en had een partner die niet zo van avontuur en verandering hield. Ik was eigenlijk een tevreden dagdromer.

Het roer om

Toch heb ik het roer omgegooid. In juli 2008 nam ik afscheid van Amsterdam, mijn toenmalige partner, mijn baan en Misty, om samen met twee niet-paardenvrouwen een avontuur aan te gaan in Drenthe. Dat avontuur is mijn nieuwe leven geworden. Binnen 5 weken na de verhuizing had ik 5 paarden: Joya, Julia, Charly, Gigi en Karoussa.

Joya is het paard uit de stal in Aalsmeer, die toen 19 jaar was en met mij mee mocht naar Drenthe om met pensioen te gaan. Hij werd mijn mentor. Ik nam me voor om niets aan hem te willen veranderen, hem te accepteren zoals hij is en alleen maar van hem te leren. Het resultaat is dat wij ons naar elkaar ontwikkeld en allebei veel geleerd hebben.
Het tweede paard met pensioen was Gigi. Zij wilde aanvankelijk niet inzien dat ik echt op hun lichaamstaal reageerde en probeerde op die manier met hen te communiceren. Ze was zo gewend hoe mensen met paarden omgaan dat het twee weken duurde voordat ze me het voordeel van de twijfel gaf. Daarna werd het contact een stuk makkelijker.
Gigi en Joya hebben het zwaar te verduren gehad. Ik had nog geen ervaring, maar wel een hoop ideeën over hoe het wel en niet moest. Geen bit, geen ijzer, geen dekens, geen krachtvoer. Met name 'geen dekens' leverde problemen op. Strenge Drentse winters en stalpaarden, dat gaat niet samen. Ze verloren veel gewicht en spiermassa. Ik heb mijn principes daarna bijgesteld. De paarden kunnen alles krijgen, maar... als en wanneer ze het nodig hebben. Alle paarden staan ijzerloos en worden boom- en bitloos gereden. Joya heeft 's winters een superdikke deken op en krijgt slobber, maar mijn andere paarden niet want zij hebben het niet nodig. Het enige waar ik nooit over wil onderhandelen is het bit.
Een jaar later kocht ik Vidar, een jonge Fjord. Hem moest ik nog wel veel leren, maar hij leerde mij minstens zo veel. Inmiddels kunnen we ieder detail aan elkaars gedrag duiden en hebben we minder dan een half woord nodig om tot goede dingen te komen.
Twee jaar daarna kwam er weer een nieuw paard: Donna. Zij was de uitdaging die ik nodig had; extravert en overijverig. Met Donna ging alles een stuk sneller. Omdat zij snel leert, maar ook omdat ik al veel had geleerd voordat zij bij mij kwam wonen.
En sinds een half jaar is er nog een pony bijgekomen: Cindy. Ik vond het mijn plicht om een pony te zoeken die echt een betere plek nodig had. Ze knapt zienderogen op. Er is nog veel werk aan de winkel, maar ze is een aanwinst voor mij, mijn kudde en mijn lesklanten.
Inmiddels heb ik nu een stabiele groep van 5 paarden, 3 merries en 2 ruinen: Donna, Cindy, Julia, Joya en Vidar.

bitloos

Nieuwe leerweg

De paarden hebben mij veel geleerd. Ik kreeg weer nieuwe vragen, maar nu vond ik wel de antwoorden.
"Waarom moet je een paard op zijn kont slaan als hij die naar je toedraait om daar gekrabd te worden?"
"Waarom moet ik altijd de leider zijn?"
"Hoe natuurlijk is paardrijden eigenlijk?"
"Moet ik toch weer met een bit gaan rijden als ik op een hoger niveau kom?"
"Zijn wedstrijden wel zo leuk voor paarden?"

Ik begon mijn eigen experimenten, gebaseerd op Natural Horsemanship in zijn breedste vorm. Van dichtbij heb ik bijvoorbeeld meegemaakt wat de impact is voor een paard om te verhuizen en buiten in een kudde te leven. Ook maak ik van dichtbij mee hoe een paard zich ontwikkelt als ze ineens inzien dat je naar ze kijkt, luistert en met ze probeert te communiceren. Een paard dat echt paard mag zijn, na zoveel jaren "productie draaien" op een manege.
Ik ga op dit moment met de paarden om op een manier die heel nauw aansluit bij hun en ook mijn natuur. Vertrouwen, assertiviteit, samen zijn, congruent zijn en wederzijds respect zijn de toverwoorden. Mijn paarden zijn gezond, betrouwbaar, meewerkend, nieuwsgierig en, voor zover ik dat kan beoordelen, gelukkig. Ze zijn blij me te zien en ik ben blij hen te zien. Ze werken voor me als lespaarden. Ik bewaak de grenzen van hun belastbaarheid, zowel de fysieke als de mentale. Mijn manier van werken komt steeds verder af te staan van de reguliere paardensport, maar ik ga me er steeds sterker mee voelen. Ik kan nu 'bewijzen' dat ik het goed doe en hoef niemand te overtuigen. Ik train de paarden niet meer zoals ik dat voorheen deed. Van leiderschap is nauwelijks sprake, van communicatie des te meer!

Persoonlijke reis

Om hier te komen, heb ik een enorme reis afgelegd. Ik heb mijn eigen balans moeten vinden, mijn eigen angsten moeten overwinnen, en mijn wens om goedkeuring te krijgen naast me neer moeten leggen. Ik heb eindeloos gestudeerd, geprobeerd, afgestapt en ben weer opnieuw begonnen. De paarden zijn steeds meer paard. Ik wil aan de paarden niets veranderen, alleen teruggeven. Ik rijd weer zonder angst, met plezier en paardvriendelijk, na jaren zelfontwikkeling. Dat is een weg die niet iedereen neemt. Het is niet leuk om jezelf zo bang mee te maken. Het is niet fijn als de paarden niet bij je willen blijven omdat je ze een onveilig gevoel geeft. Maar als je jezelf toestaat door het proces te gaan, dan krijg je er zoveel moois voor terug. Ik voel me zo sterk, zonder angst of stress. Ook in het deel van mijn leven waar de paarden geen deel van uitmaken.

Bitloos

In eerste instantie ben ik bitloos gaan rijden omdat ik zag dat dat mogelijk was. Vanaf de eerste dag dat ik bitloos reed, ging dat zo goed, dat ik me voornam om nooit meer met bit te gaan rijden. Pas later heb ik me erin verdiept hoe een bit inwerkt op de paardenmond en zag ik in dat een bit altijd pijnlijk is, ook bij een losse teugel. Ik ben er nu heel principieel over en doe geen concessies wat een bit betreft, maar zo is het niet begonnen, dat is zo gegroeid.
Wat me vooral tegenstaat, is de manier waarop mensen rijden met paarden die een bit in hebben. Zelfs bij het in- en uitrijden van het paard krijgt de mond geen rust. Paarden worden niet netjes van achter naar voren gereden, maar in de krul getrokken. Mensen met angst (hoe goed verborgen soms ook) gebruiken het bit als noodrem, of erger nog, als voortdurend aangetrokken handrem. Als mensen bij mij op les komen, dan is dat de belangrijkste eerste rijles: erop vertrouwen dat paarden niet wegrennen met een losse teugel. Als het vertrouwen dan komt, dan leer ik ze een goede en zachte, bitloze teugelvoering te hanteren.

Ik ben geen paardentrainer met de bijbehorende diploma's. Mijn kracht is verzorgen, opvoeden en trainen; ik verzorg de paarden op een manier die dicht bij hun natuur ligt, ik voed ze op in hun omgang met mensen en ik leer ze wat nodig is om goed in de lessen te kunnen lopen. Zoals zich laten vangen in het weiland, stilstaan tijdens en na het opstijgen en hoe ze hun lichaam moeten gebruiken onder ruitergewicht. Ik faciliteer paardrijlessen en buitenritten voor andere mensen. Mijn klanten rijden op brave, vriendelijke, goed opgevoede paarden die in hun eigen balans lopen. Zij leren paardrijden door goed te kijken naar de paarden en naar zichzelf. Ik leer mensen dus geen dressuur of andere discipline; zij trainen zichzelf, niet de paarden. En ik ontwikkel mezelf op nieuwe gebieden om de paarden nog beter te kunnen helpen.
Ik krijg vaak paarden aangeboden, meestal zelfs gratis. Dat voelt nog steeds heel raar. Maar ik realiseer me dat ik een plek heb ontwikkeld die echt goed is voor paarden. Zelfs mensen die wat misprijzend doen over 'mijn manier' van met paarden omgaan, gunnen hun eigen paard deze plek als ze er zelf niet meer voor willen zorgen.

Paardenwelzijn

Het welzijn van de paarden en mijn relatie met de paarden staan altijd op de eerste plaats.
Ik heb een generatie kinderen op les die niet beter weten. Zij vragen mij soms in verwondering waarom het paard dat langs komt lopen zo raar in een krul loopt met zijn nek en of het niet zielig is dat sommige paarden altijd alleen staan. Ze doen alles vanuit paardenwelzijn. Ze bekijken de wereld door de ogen van het paard en lossen problemen vanuit die invalshoek op. Ook leren ze kijken naar hun eigen emoties en balans. Op een reguliere manege zouden ze binnen tien lessen kunnen lichtrijden en galopperen, zoals ik destijds. In mijn lessen duurt dat langer. Maar de basis die ze daarmee opdoen is zo stabiel als maar mogelijk is. Naast het paardrijden ontwikkelen ze vaardigheden die ze in de rest van hun leven meenemen. Daar ben ik trots op!

Lang heb ik 'tegen de stroom in gezwommen' maar steeds met één doel: paardenwelzijn. Het is tegenwoordig niet zo moeilijk om informatie en voorbeelden te vinden, maar in de tijd dat ik daarmee begon (2000) waren er nog weinig mensen op die manier met paarden bezig. Nu kun je op internet vinden waar je bitloos kunt rijden en je kunt les krijgen in grondwerk. Het is niet zo heel gek meer om met een 'bloot' paard het bos in te gaan. Ik hoef mezelf ook nooit meer te verdedigen. Mijn paarden en lesklanten zijn mijn visitekaartje.


'Van manegeruiter naar paardenhouder' is het verhaal van Sylvia Keizers, d.d. 2 augustus 2017.
Meer over Sylvia's werk en haar paarden vind je op haar website Natuurlijk Paardleiden.
Sylvia is ook te vinden op de adressenlijst Bitloze lesgevers.
Meer inspirerende verhalen vind je op de pagina Persoonlijke verhalen.

Jouw verhaal

Heb jij een persoonlijk verhaal over jouw groeiproces met je paard, de weg die jullie bewandeld hebben en hoe jij er toe bent gekomen om bitloos te gaan rijden? En vind je het fijn jouw verhaal te vertellen en met ons te delen? Dan nodig ik je graag uit jouw verhaal te mailen naar bitloospaardrijden.info@gmail.com.

Wil je beginnen met bitloos paardrijden en heb je allerlei vragen, twijfels en zorgen over de rem, het stuur en controle? En wil je graag zonder bit heerlijk ontspannen en in wederzijds vertrouwen genieten van jullie buitenritten? Maak dan een goede start met de Bitloos Paardrijden starterskit! Klik op de button en ontdek hoe jij de beste start kunt maken en jouw paard nooit meer een bit in hoeft!
bitloos