bitloos paardrijden petra mensink PMC bitloos hoofdstel cursus les

Bitloos Paardrijden

Kennisbank - Online Academy - Webshop PMC bitloos


De tong van het paard

Hoewel er de laatste tijd wat meer aandacht wordt geschonken aan de tong van het paard en de invloed van het bit op de tong, is bij veel ruiters niet bekend in hoeverre de tong een belangrijk onderdeel is tijdens het rijden en wat de impact is van druk op de tong.

De tong is - op de geslachtsdelen na - het gevoeligste orgaan van het paard. De tong ligt gedeeltelijk tussen de onderkaakbeenderen (de lagen van de mond) en gedeeltelijk boven de onderkaakbeenderen (tegen de kiezen) en een gedeelte loopt door tot in het bovenste deel van de nek.
De tong bestaat uit twee delen, die halverwege aan elkaar gehecht zijn. Er bestaan hele dikke tongen en hele dunne, hele lange en hele korte.
Een aantal tongspieren is verbonden met een kleine hoeveelheid botjes in de keel, die tongbeentjes heten (zie tekening B nr. 3). Vanuit die tongbeentjes lopen twee belangrijke halsspieren: de één loopt naar het borstbeen en de andere loopt naar de binnenkant van de schouder. Er bestaat dus een directe verbinding van de tong naar het borstbeen en de schouder. Als er spanning bestaat in de tong, dan heb je ook spanning die helemaal doorloopt naar het borstbeen en de schouder via de halswervel waar je juist wilt dat daar kan worden nagegeven (zie tekening A). Heb je eenmaal spanning in het borstbeen, dan kan het paard onmogelijk zijn rug welven en de spieren gebruiken die de hals met de staart verbinden en via de buik weer teruglopen naar de hals.

anatomie mond tong paard

De tong van het paard is in het algemeen 28 cm tot 41 cm lang, afhankelijk van het type paard. Een paard kan zijn tong ongeveer 12,5 tot 20,5 cm uit z'n mond brengen, wederom afhankelijk van het type paard. Zelfs wanneer een paard volledig ontspannen en tevreden is, vult zijn tong de gehele mond, waardoor er weinig tot geen ruimte voor iets anders in de mond (dus ook niet voor een bit).

De tong in verbinding met het hele lichaam

Kleine spiertjes verbinden de tongbeentjes met het kaakgewricht en met het gebied rond de nek, waar het hoofd aan de hals verbonden is. Het kaakgewricht is een belangrijk centrum voor de zenuwen die zorgen voor balans en proprioceptie. (Proprioceptie is een onderdeel van het centrale zenuwstelsel van het paard, waardoor het weet waar zijn voeten zich bevinden zonder ernaar te kijken en maakt derhalve ook deel uit van het coördinatiesysteem van het paard.) Ook de zenuwen van de onbewuste registratie (proprioceptie) van de voorbenen van het paard liggen in het gebied van de tongbeentjes.
Blokkades elders in het paardenlichaam kunnen ook voor tongproblemen zorgen. Door osteopaten worden vaak blokkades gevonden rond de eerste halswervel, in het tongbeen, in de schedel en ook rond het heiligbeen, ter hoogte van het kruis, dat via het ruggenmerg in verbinding staat met de schedel. Door een blokkade in de rug (en dus ook onder het zadel) ontstaat een te hoge spanning rond het middenrif, dat via onderhuids bindweefsel weer in verbinding staat met het tongbeen, het kaakgewricht, het hoofd en de eerste halswervel.

Ontspannen tong

Een paard kan met een vrije, ontspannen en zachte tong vrijer en met een betere coördinatie bewegen. Met een ontspannen tong kunnen de passen van het paard opvallend langer worden, zijn balans beter en bovenal wordt het paard gemakkelijker te rijden. Er valt dus alles voor te zeggen dat rijden zonder bit vele voordelen heeft ten opzichte van het rijden met bit, aangezien bij bitloos de tong altijd ontspannen in de mond ligt, geen tegendruk hoeft te geven, niet gebruikt hoeft te worden om druk ergens in de mond te verminderen, niet geprikkeld of afgekneld wordt en niet verlegd hoeft te worden om aan de druk of pijn te ontkomen.

anatomie mond tong paard

Tongproblemen

Er zijn tongen die het verdragen van een bit voor een paard onmogelijk maken. Veelal is de onderkaak te ondiep van vorm om de tong te kunnen opbergen. Door steeds edelere paarden te fokken, zijn de onderkaken steeds smaller geworden. Vaak kan er nog geen vinger tussen de twee kaakhelften passen. De tong daarentegen is niet veranderd en is een dikke, vlezige spier. Tussen de tong en het verhemelte is nauwelijks ruimte voor een bit. Zakte vroeger door druk van een bit de dikke tong tussen de beide kaakhelften, tegenwoordig lukt dit nauwelijks.
De Amerikaanse onderzoekster Hilary Clayton heeft opnamen mogelijk gemaakt van de tong in de mond van een paard met een bit in. Het blijkt dat sommige paarden de tong helemaal naar achteren opkrullen en het bit alleen op het voorste stukje van hun tong accepteren. Andere paarden gooien steevast de tong over het bit. Maar even zo vaak steekt een paard razendsnel constant de tong over en onder het bit.

Hele lichte, zachte inwerking op de tong is op zich geen probleem, maar wanneer er druk op de tong komt en het paard deze druk logischerwijs niet wil voelen en daarom tongbewegingen maakt, dan is er geen sprake van ontspanning in de kaak, maar juist aanspanning van de kaakspieren. Kauwen leidt tot beweging van de tong en de kaak en geeft een spijsverteringsrespons in de keel, terwijl voor het rijden een ademhalingssetting nodig is (een verlaagd en onbeweeglijk zacht verhemelte). Kauwen is niet positief; ontspanning van de tong- en kaakspieren en tongbeentjes echter wel. Juist bij het ontbreken van een bit en daarmee het ontbreken van druk op de tong, is er sprake van een ontspannen tongbeen, en daarmee ook het borstbeen en schouderblad ofwel de gehele onderhalslijn en voorhand is dan ontspannen.
Wanneer de tong door het bit wordt afgekneld (knevelen), ondervindt het paard pijn, de doorbloeding stagneert (blauwe tong) en het paard heeft moeite met het maken van een slikbeweging waardoor overmatige schuimslierten ontstaan.
De tong loopt over in het tongbeenskelet, waarna er spieren door de hals naar de voorhand lopen. Een paard met een gespannen, pijnlijke tot afgeknelde tong wordt hierdoor belemmerd in de ruimte en zuiverheid van de voorhand.
Soms ligt de hechting van de voorste en achterste tong net onder het bit. Het paard zal dan altijd proberen met die plek onder het bit uit te komen. Ontspanning zal daardoor ook nooit mogelijk zijn. Verder zijn er tongen waarbij de achterste helft gekanteld vastzit aan de voorste helft. Hoe erger de graden van kanteling, hoe meer problemen een paard met zijn bit zal hebben. Soms is dit de oorzaak dat een paard het bit aan één kant vastpakt.
Bij veel druk op de tong kan het paard op diverse manieren reageren. Hij kan de onderkaak verstijven, het bit pakken en gaan 'pullen'. Hij kan proberen de tong over het bit te worstelen of hij kan een drukvrije positie zoeken door de tong op te rollen en niet 'aan het bit' te komen. Als je daar even bij stilstaat, dan is dat toch best een verdrietig gegeven en kun je je afvragen waarom een bit zo gangbaar is.

De tong en het gebit

In de paardenmond ligt de tong tussen en tegen de onderste kiezenrij. Wanneer er scherpe randjes aan de kiezen zitten, dan kunnen bij iedere minimale beweging van de tong al snel wondjes ontstaan. De aanraking met de kiezen kan vervolgens dermate pijnlijk zijn voor het paard dat hij z'n tong buiten de mond brengt om dit pijnlijke gevoel te vermijden.
Wanneer bij ruinen en hengsten (en soms ook bij merries) de haaktanden (ook wel de hengsten- of ruinentanden genoemd) te lang zijn en ook nog enigszins naar binnen staan, ligt de tong daar vervelend tegen aan gedrukt. Gevolg is dat het paard de tong langs zo'n haaktand legt om het akelige gevoel te vermijden.
Sommige paarden drukken het bit tegen hun bovenlip om te voorkomen dat het bit tegen een wolfstand aan komt. De wolfskiezen zijn enorm gevoelig bij aanraking en daarmee kunnen ze veel problemen veroorzaken door het rijden met een bit.
Wanneer de tanden en kiezen niet helemaal op één lijn staan, slijten ze niet gelijkmatig af en kunnen de voortanden te lang worden. Op te lange voortanden ontstaat constante druk. Aangezien de voortanden gevoeliger zijn dan de kiezen, steken sommige paarden hun tong tussen de voortanden om van de vervelende druk af te zijn.
In deze gevallen is een grondige inspectie en goede gebitsbehandeling door een gebitsverzorger/paardentandarts onontbeerlijk. In het eerste geval moeten de scherpe randjes bijgevijld worden. In het tweede geval is het wijsheid om de haaktanden te verwijderen. In het derde geval dienen de voortanden weer ingekort en afgerond en alle elementen weer mooi op één lijn gebracht te worden. En in het vierde geval kunnen de wolfskiezen het beste verwijderd worden.
Problemen kunnen voorkomen worden door het gebit van je paard minstens één keer per jaar door een goede gebitsverzorger/paardentandarts te laten controleren.

De tong en het bit

Veel tongproblemen hebben met het bit te maken.

  • Door een bit kan het paard zijn mond niet goed sluiten, wat spanning rond de kaak oplevert, waardoor op termijn problemen rond de eerste halswervel ontstaan.
  • Een bit dat te breed is of te laag in de mond hangt, kan voor irritatie zorgen, waardoor paarden onrustig worden met hun tong.
  • De punt waar een enkelgebroken bit scharniert, wordt - wanneer de teugels zijn aangenomen - tegen het gehemelte gedrukt en op de onderkaak ontstaat een notenkrakereffect; dit geeft een pijnreactie, waarop paarden kunnen reageren met het uitsteken van hun tong.
  • Een bit hangt 'goed' als het vrij blijft van de kiezen en het hoofdstel op een normale manier over de oren van het paard past. Wanneer het bit tegen de kiezen komt, is dit een naar tot pijnlijk gevoel voor het paard, waardoor hij 'achter de teugel' kan kruipen om te ontkomen aan het bit en te voorkomen dat het bit tegen de kiezen aan komt.
  • Net als mensen kunnen paarden allergisch zijn voor materialen zoals nikkel of kan een paard het betreffende metaal als onprettig of onsmakelijk ervaren, waardoor het telkens bezig is het bit te ontwijken (met het bit "spelen", oftewel het bit uit de mond willen werken), de tong onder het bit vandaan leggen, de tong uit de mond brengen, etcetera).
  • En tot slot een veelvoorkomende oorzaak van tongproblemen: druk op de tong. Druk op de tong veroorzaakt spanning en angst bij het paard en bemoeilijkt het slikken, wat schuim, speeksel en zelfs een blauwe tong veroorzaakt.

anatomie mond tong paard

De tong en de ruiter

De ruiter heeft enorm veel invloed op de tong en dient zich - naast alle bovengenoemde aspecten - bewust te zijn van zijn of haar eigen manier van rijden en teugelgebruik.
De ruiter hoort het paard in ontspanning van achteren naar voren te rijden en te wachten tot het paard de aanleuning neemt. Wanneer de ruiter het hoofd van het paard in een bepaalde houding dwingt, ontstaat er een valse verzameling ("in de krul") die niets met ontspanning, verzameling, nageeflijkheid en aanleuning te maken heeft. Wanneer het paard vervolgens uiting geeft aan ongenoegen tot pijn, zien we vaak trekkende en zagende ruiters die het hoofd laag willen houden, aangetrokken sperriemen om de mond dicht te snoeren, "hulp"teugels om het hoofd laag te houden, tonglepelbitten of andere dwangmiddelen om de tong binnen de mond te houden, en zwepen en sporen om het paard voorwaarts te houden wanneer het hoofd omhoog brengt, staakt, bokt of steigert. Allemaal middelen om het paard het zwijgen op te leggen en te dwingen om te lopen zoals men dat tegenwoordig blijkbaar graag ziet.
Een onrustige of harde ruiterhand of een onvoldoende onafhankelijke zit, en daardoor veelvuldig inwerken met de teugelhulpen, verstoort het paard en daarmee de aanleuning.

anatomie mond tong paard

anatomie mond tong paard

Problemen tijdens het rijden

Aangezien druk op de tong zeer onprettig tot pijnlijk is, zal een paard (vanzelfsprekend) proberen die druk te ontwijken. Dit kan zich uiten in de volgende reacties/gedragingen:

  • het paard gooit of houdt zijn hoofd omhoog;
  • het paard geeft rukken met zijn hoofd naar beneden of naar voren en vaak trekt hij hierbij de ruiter uit het zadel;
  • het paard valt/loopt op de voorhand;
  • het paard doet z'n mond open;
  • het paard legt z'n tong over het bit;
  • het paard legt z'n tong uit de mond;
  • het paard loopt achter de loodlijn c.q. achter het bit;
  • het paard legt z'n tong achter het bit tegen z'n strot.

Wat te doen bij tongproblemen

Aangezien de tong een zeer belangrijk lichaamsdeel is en een cruciale rol speelt tijdens het rijden, dien je als ruiter alle signalen van het paard op te vangen en daar naar te luisteren en te handelen.
Wanneer het paard - al is het maar miniem - onrustig is in de mond, met het bit "speelt", de mond open doet, de tong naar buiten brengt, de tong over of tegen het bit legt, het bit vastpakt, achter het bit gaat lopen, de teugels uit je handen trekt, veel schuimt of zelfs speekselt, dan is het zaak de volgende aandachtspunten bij langs te gaan.

  • Overweeg - in het belang van je paard - bitloos te gaan rijden.
  • Zijn er blokkades elders in het lichaam? Laat een osteopaat bij je paard komen om blokkades op te sporen en weg te nemen in het hele lichaam. Zoals je net hebt kunnen lezen, staat alles in verbinding met elkaar, dus het is belangrijk het gehele lichaam te behandelen.
  • Is het gebit in orde? Laat een gebitsverzorger/paardentandarts de mond en het gebit controleren op haken, haaktanden, wolfskiezen en de algehele conditie en stand van de tanden en kiezen.
  • Heeft het paard last van stress? Neem zijn leefomstandigheden en de voeding eens onder de loep. Loopt je paard buiten in kuddeverband of staat het veel opgesloten en geïsoleerd van zijn soortgenoten in een stal? Heeft de paard voldoende mogelijkheid om te fourageren/grazen, heeft het voldoende ruwvoer tot z'n beschikking, hoeveel krachtvoer krijgt je paard en is dat wellicht te veel voor dit gevoelige spijsverteringsstelsel?
  • Past het zadel goed? Veel ruiters gaan ervan uit dat het zadel wel past, maar is dat wel zo? Is dit bevestigd door een goede, erkende zadelmaker/-passer of zadelconsulent? Een niet-goed-passend zadel zal niet alleen klachten en pijn veroorzaken, maar ook blokkades die een te hoge spanning rond het middenrif kunnen teweegbrengen en daarmee spanning in het tongbeen, het kaakgewricht, het hoofd en de hals. Laat daarom het zadel minimaal ieder jaar checken door een deskundige op dit gebied.
  • Hoe ben je zelf als ruiter? Ben je je bewust van je eigen teugeltechniek, houding en zit? Rijd je met teugels die je een vaste grip geven en/of rijd je met handschoenen, dan kun je er van uit gaan dat je met te harde handen rijdt, anders zou je die grip namelijk niet nodig hebben. Ben je bezig je paard aan de voorkant in een bepaalde houding te krijgen? In dat geval creëer je een valse verzameling en dat doet je paard meer kwaad dan goed. De ontspanning in de onderkaak en het correct afbuigen in de nek komen niet tot stand via de handen, maar via de zit en benen. De correcte hoofd/halshouding volgt wanneer een echte verzameling is bereikt en deze komt op een natuurlijke wijze tot stand na maanden van fysieke fitheid en training van de buik-, achterhand- en rugspieren, niet door een mechanische trekken aan de teugels.
  • Overstappen op bitloos. In ieder geval wanneer de tong op welke manier dan ook (zie onder 'Tongproblemen') geen bit kan verdragen, wanneer je als ruiter nog geen onafhankelijke zit hebt, geen zachte teugelvoering hanteert en je een betere ruiter wilt worden zonder je paard te hinderen of pijn te doen met een bit.

Video over de tong van het paard:

Wil jij geen tongproblemen bij je paard?

Kijk dan eens bij de Bitloos Paardrijden Online Academy. Daar vind je alle mogelijkheden om met bitloos te beginnen, het bitloos rijden te verbeteren en meer kennis & inzichten op te doen.

bitloos

Gerelateerde blogs


De tong van het paard is een blog van Bitloos Paardrijden.
Auteur: Petra Mensink, d.d. 4 augustus 2009.
Copyright ©2009 Bitloos Paardrijden, all rights reserved.