bitloos paardrijden petra mensink PMC bitloos hoofdstel cursus les

Bitloos Paardrijden

Kennisbank - Online Academy - Webshop PMC bitloos


Onderzoek Sprenger

Samenvatting uit de Hoefslag, nummer 13, 2005

Sprenger blijft zoeken naar het ideale bit

Sinds de mens het paard gebruikt, zorgen bitten voor controle over het veel sterkere paard. Aanvankelijk diende het bit als dwangmiddel. Met de ontwikkeling van paardenkennis en rijkunst evalueerde het bit. De firma Sprenger in het Duitse Iserlohn maakt sinds 1872 metaalwaren voor onder meer de ruitersport en het mennen. Bitten vormen een belangrijk deel in het leveringsprogramma. De ontwikkeling van bitten krijgt veel aandacht bij het bedrijf. Sprenger werkt samen met de veterinaire hogeschool in Hannover en vooraanstaande ruiters en trainers testen de nieuwe bitten.

Sprenger produceert bitten voor de mensport en het Engelse rijden (dressuur en springen). Naast de traditionele bitten heeft Sprenger een aantal bitten ontwikkeld in samenwerking met de veterinaire hogeschool in Hannover en een aantal gerenommeerde ruiters/trainers als Helena Weinberg, Jos Lansink, Klaus Balkenhol en Lisa Wilcox. Ook een groot aantal minder bekende ruiters wordt geregeld gevraagd nieuw ontwikkelde bitten te testen. "Om het oordeel zo zuiver mogelijk te houden, laten we de ruiters niet weten wie nog meer datzelfde bit test. Op die manier baseren ze hun oordeel alleen op hun eigen waarneming en beïnvloeden ze elkaar niet."

Aanvankelijk diende het bit om het paard door middel van pijn te dwingen tot gehoorzaamheid. Met de ontwikkeling van paardenkennis en rijkunst evalueerde het bit tot een communicatiemiddel tussen mens en paard. "Toch bepaalt de gebruiker uiteindelijk hoe paardvriendelijk een bit is", benadrukt de heer Bauman. Sprenger streeft ernaar paardvriendelijke bitten te produceren. "De dubbelgebroken trens werd in zijn oorspronkelijke vorm ontwikkeld door de heer Conrad – in dienst van Sprenger – die daarmee een grote stap in de ontwikkeling van de bitten maakte. Hij zette de trend voor de Sprenger-filosofie dat een voor het paard zo prettig mogelijk bit uiteindelijk het effectiefst is. Dat leidde ertoe dat Sprenger meer onderzoek liet doen. Zo ontdekte de veterinaire hogeschool in Hannover dat er veel minder plaats is in de paardenmond dan altijd werd aangenomen.

Tot dan toe werd aangenomen dat dikke bitten zacht inwerken; dat bleek niet te kloppen. Een bit moet vooral goed passen. Ook werd ontdekt dat een dubbelgebroken bit de vorm van de tong beter volgt en bovendien niet in het gehemelte prikt. "De nieuwste ontwikkeling op dit gebied is de WH Ultra Trens", vertelt Baumann. "Het middendeel is wat korter gemaakt en de constructie is zodanig dat het bit een slag van 45 graden kan maken. Daardoor ligt het bit prettig in de mond. Om de tastzin van de tong te prikkelen, is een rolletje in het middenstuk aangebracht, zodat het bit makkelijker over de tong glijdt." In de testperiode werd met verschillende middenstukjes gewerkt. Eigenlijk bij toeval werd ontdekt dat een bit met een enigszins verdikt rubberen tussenstukje bij veel paarden tandenknarsen en tongproblemen oploste. Waarom is nog niet helemaal duidelijk, dat wordt nog onderzocht.

Op de vraag wat het beste bit is, geeft Baumann het volgende antwoord: "Dat bit waarmee de combinatie van ruiter en paard het beste tot haar recht komt, op een voor beide zo prettig mogelijke manier. Welk bit je kiest, is voor een belangrijk gedeelte afhankelijk van de bouw en de mond van het paard. Ook de ruiter speelt een rol. Een kleine, minder sterke ruiter zal vaker voor een wat scherper inwerkend bit kiezen dan een grote sterke ruiter. Ook de ervaring, het gevoel en de voorkeur van de ruiter spelen een belangrijke rol. Daarom hebben de dubbelgebroken trenzen ook nooit de enkelgebroken trenzen van de markt gestoten; er blijft een relatief grote groep voor kiezen. Ook bij de stangen is een aantal ontwikkelingen gaande. De hoge boog of tongvrijheid die de vroegere stangen kenden, is nagenoeg verdwenen. Baumann: "De vroegere tongvrijheid drukte vaak tegen het gehemelte. Bovendien kon het paard de tong in de vrijheid stoppen, waardoor het bit uitsluitend op de lagen drukte. Ook is de boog in een hoek geplaatst, waardoor hij niet tegen het gehemelte drukt wanneer de teugels aangenomen worden." Datzelfde principe, waarbij het bit in de vorm van de tong gebogen is en bij het aannemen van de teugels een zodanige hoek maakt dat het bit precies over de tong ligt, is gebruikt bij het Conrad-correctiebit, dat hierdoor op een paardvriendelijke manier effectief is bij paarden met tongproblemen.

Sprenger deed ook uitgebreid onderzoek naar de materialen waarvan bitten gemaakt worden. Baumann: "Toen Sprenger in 1872 begon, werden de meeste bitten nog van ijzer of staal gemaakt. Later werden legeringen met koper gebruikt. Met de opkomst van edelstaal werden daar bitten van gemaakt. In de praktijk bleken paarden minder goed te reageren op bitten van edelstaal. De reden was dat dit materiaal neutraal van smaak is. Gelijkvormige bitten waarvoor legeringen gebruikt waren, bleken door de corrosieve werking van het koper smakelijker voor de paarden. Paarden namen deze bitten makkelijker aan en kauwden er tevreden op. Met die wetenschap is Sprenger verder gaan experimenteren. Argentaan was een veelgebruikte legering voor bitten, bestaande uit 65% koper, 12 tot 15% nikkel en voor het overige gedeelte zink. Een bit met een hoger kopergehalte was gewenst, maar omdat koper vrij zacht is, ontstaan op een koperen mondstuk al gauw scherpe kantjes. Bovendien was een bit met een hoog kopergehalte niet erg duurzaam." De oplossing die Sprenger ontwikkelde, is de legering Aurigan, waarop Sprenger patent heeft. Aurigan bestaat uit 85% koper, 4% silicium en 11% zink. Uiteraard werd uitvoerig onderzocht of Aurigan geen ongewenste of giftige stoffen afscheidt of allergische reacties geeft. Het kopergedeelte dat vrijkomt tijdens het rijden, is overigens een verwaarloosbare fractie van wat in het dagelijkse voedsel van een paard zit. Op dit moment doet de veterinaire hogeschool in Hannover in samenwerking met Sprenger onderzoek naar paarden die allergische reacties geven op bepaalde metalen.

Tijdens een onderzoek is ook gebleken dat de gemiddelde ruimte (en dan spreken zij over gemiddelden, dus paarden van 1.80 meter, tot mini-shetlanders) in de paardenmond, op de plaats waar het bit komt te liggen, 14 mm is. Dit betekent dus dat voor paarden en pony's met een ruimte van minder dan 1,0 cm in hun mond, met een veel te dik bit in lopen!
En je kunt je nu vast wel voorstellen wat zich in de "hogere" dressuur afspeelt, met stangen van wel 22 mm dik, met daarbij ook nog eens een onderlegtrens. Met deze veel te dikke bitten kan een paard, of hij nou wel of geen dikke tong heeft, totaal geen slikbeweging meer maken en wordt bovendien de tong volledig afgekneld en gekneveld.

Voorlichting speelt een belangrijke rol in de filosofie van Sprenger. Een bit kan nog zo goed gemaakt zijn, het moet wel passen. Daarom wordt aandacht besteed aan uitleg over het opmeten van een paardenmond en waar op gelet moet worden bij de keuze van een bit, over de werking van de diverse bitten en verzorgt Sprenger scholingen voor winkeliers en verkopers.


Deze samenvatting is een artikel van Bitloos Paardrijden.
Auteur: Petra Mensink, d.d. 7 november 2008.
Copyright ©2008 Bitloos Paardrijden, all rights reserved.

Wil je beginnen met bitloos paardrijden en heb je allerlei vragen, twijfels en zorgen over de rem, het stuur en controle? En wil je graag zonder bit heerlijk ontspannen en in wederzijds vertrouwen genieten van jullie buitenritten? Maak dan een goede start met de Bitloos Paardrijden starterskit! Klik op de button en ontdek hoe jij de beste start kunt maken en jouw paard nooit meer een bit in hoeft!
bitloos