|
Bit en bitloos in de reglementen
Een samenvatting van wat in de reglementen staat over het harnachement/optoming ten aanzien van het bit in de disciplines
dressuur, springen, eventing, endurance, western, reining, trec, voltige, mennen, aangespannen sport en ruiter- en koetsiersexamen.
Dressuur
Uit het Wedstrijdreglement Dressuur 2010:
Artikel 147 - Dressuurproeven bitloos rijden (pagina 45)
Het bitloos rijden van dressuurproeven is mogelijk t/m de klasse L2 dressuur voor zowel paarden- als ponycombinaties in aparte hiervoor uitgeschreven rubrieken.
Vanaf de klasse M1 is het alléén mogelijk om buiten mededinging (HC) bitloos deel te nemen aan de reguliere rubrieken. Wedstrijdorganisaties kunnen rubrieken
dressuurproeven bitloos rijden uitschrijven t/m de klasse L2. De rubrieken dienen vermeld te worden in het vraagprogramma van de wedstrijd. De proeven komen
voor puntenregistratie in aanmerking zoals in de reguliere klassen B t/m L2. Voor rubrieken dressuurproeven bitloos rijden gelden dezelfde reglementaire bepalingen
als voor de reguliere wedstrijdklassen met uitzondering van de volgende bepalingen:
- De rubrieken dienen te worden beoordeeld door hiervoor bevoegde juryleden.
- De verplicht te gebruiken protocollen dressuurproeven bitloos rijden, zijn te downloaden vanaf de website van de KNHS.
(Noot webmaster:
volg daarvoor eerst deze link,
dan deze link en dan onder
"De aangepaste protocollen zijn hieronder te downloaden." staan de downloads van de aangepaste protocollen/dressuurproeven.
Verdere aanvulling op "Beoordeling tweede proef dressuurproeven bitloos rijden.doc" bij "Beoordeling tweede proef door hetzelfde jurylid in rubrieken
dressuurproeven bitloos rijden":
In tegenstelling tot wat in het Wedstrijdreglement Dressuur is opgenomen, mag in rubrieken dressuurproeven bitloos rijden de tweede proef door hetzelfde
jurylid beoordeeld worden indien er minder dan 10 deelnemers zijn in de betreffende klasse. Deze wijziging wordt ook gepubliceerd op de website van de KNHS.)
- Bij minder dan 4 deelnemers in een klasse kan deze klasse in handicap worden gereden met de naastgelegen klasse.
- Bij minder dan 8 deelnemers in de rubrieken B t/m L2 kunnen alle 3 klassen in handicap worden verreden.
- Inschaling vindt plaats volgens de inschalingstabel in de bijlage 1. Promotie en degradatie vinden plaats volgens de reglementaire bepalingen van de klassen
B t/m L2. Winst- en verliespunten, behaald in de dressuurproeven bitloos rijden, worden bijgeschreven in de reguliere klassen B t/m L2. Combinaties met een
klassering hogerdan de reguliere klasse L2 mogen in rubrieken dressuurproeven bitloos rijden uitkomen in de klasse L2.
- Het is mogelijk met dezelfde combinatie uit te komen in afwisselend de dressuurproeven bitloos rijden en in de reguliere dressuurrubrieken.
- Promotie vanuit de klasse L2 dressuur proeven bitloosrijden is niet verplicht bij het bereiken van het maximale aantal winstpunten. Er worden maximaal
40 winstpunten geregistreerd in deze klasse.
- De volgende bitloze optomingen zijn toegestaan:
- de sidepull
- het kingekruiste bitloos hoofdstel
- het kaakgekruiste bitloos hoofdstel
- regulier toegestaan hoofdstel zonder bit waarbij de teugels direct aan de neusriem worden bevestigd.
- Het hoofdstel moet van leer zijn waarbij de neusriem een minimale breedte van 2 cm heeft. Er mag zich geen metalen kern in de neusriem bevinden. Bij het
gebruik van een kin- of kaakgekruist hoofdstel moet wanneer er gebruik gemaakt wordt van koorden, deze een minimale diameter van 6 mm hebben.
- De omschrijving van de diverse onderdelen van de individuele dressuurproeven, eventueel met de daarbij behorende toelichting en de daarin opgenomen bepalingen
in bijlage 6, zijn van toepassing met uitzondering van het volgende:
- onder aanleuning zoals beschreven in het scala van africhting wordt in de dressuurproeven bitloosrijden verstaan het lichte contact op de teugels met het
paard en de hoofd/halshouding van het paard.
Conclusie dressuur
Bitloos dressuur is toegestaan in de klassen B t/m L2.
Bovenstaand is besloten en gepubliceerd in het eerste kwartaal van 2010. Voor die tijd zagen de dressuurreglementen er geheel anders uit en was
bitloos dressuur onder geen beding toegestaan. Ter info hier de tekst zoals het voor de reglementswijziging op deze site vermeld stond.
Uit het Algemeen Wedstrijdreglement - 1 april 2008, versie 2007-2:
Artikel 41 - Dispensatie op medische gronden
1. a. De KNHS kan dispensatie verlenen op de bepalingen in het desbetreffende
(discipline)reglement aan deelnemers met een lichamelijke of visuele beperking
voor een andere wijze van optoming, kleding of overige voorzieningen,
voortvloeiend uit de aard van de beperking. De uitspraak is bindend en
termijngebonden.
1. b. De KNHS kan in zeer uitzonderlijke gevallen dispensatie verlenen met
betrekking tot medicatiegebruik bij paarden. De uitspraak is bindend en
termijngebonden.
1. c. Op grond van lichamelijke beperkingen van een paard wordt geen dispensatie
verleend.
1. d. Wanneer een paard vanwege een blessure, verwonding, drukking en/of andere al dan niet tijdelijke lichamelijke
aandoeningen niet conform de
reglementaire
bepalingen kan worden opgetoomd, wordt hiervoor geen
dispensatie verleend.
2. Een dispensatieverzoek als genoemd in lid 1 sub a en b moet schriftelijk worden
ingediend door het desbetreffende KNHS-lid en moet vergezeld gaan van een
medische verklaring.
3. Indien aan een deelnemer dispensatie is verleend op een reglementaire bepaling,
dan dient de desbetreffende deelnemer te allen tijde een afschrift van deze schriftelijke
dispensatie aan een official te kunnen tonen.
Uit het Disciplinereglement Dressuur - 1 april 2007, versie 2007-1:
Artikel 136 - Toezichthouder (steward)
6. De bittencontrole moet met de grootst mogelijke omzichtigheid en na beëindiging van de proef uitgevoerd worden.
Desgewenst mag de toezichthouder de mond van het paard openen of de groom / begeleider verzoeken dit voor hem te doen.
De toezichthouder dient in dit geval te gebruiken, per paard een nieuw stel handschoenen.
Artikel 144 - Harnachement
1. Het paard/de pony dient te zijn opgetoomd met een deugdelijke, goed passend en in behoorlijke staat van onderhoud
verkerend engels, of hierop lijkend, (dressuur)zadel, hoofdstel en bit.
5. Voor de klassen vanaf de lichte Tour is het gebruik van een stang en trens hoofdstel verplicht, tenzij in specifieke categorie-reglementen
anders wordt bepaald.
6. Stang en trens moeten van metaal zijn of van onbuigzaam plastic en mogen omwikkeld zijn met rubber
(flexibele rubber bitten zijn niet toegestaan).
7. De bitten voor paarden dienen glad van uitvoering te zijn en zonder scherpe randen en - met uitzondering van de
onderlegtrens - van een zodanige dikte te zijn, dat het deel van het bit dat op de lagen van de paardenmond rust bij de
trenzen een dikte heeft van tenminste 1,0 cm; de minimum dikte voor de bitten voor pony's bedraagt eveneens 1,0 cm.
12. De teugels mogen uitsluitend te zijn vastgemaakt aan het bit.
Artikel 145 - Hulpmiddelen
2. Het is niet toegestaan gebruik te maken van:
- een tonglepel wanneer gebruik wordt gemaakt van een stang en trenshoofdstel.
Conclusies dressuur
Bitloos dressuur is niet toegestaan.
Er wordt geen dispenstatie van onder andere de bitverplichting verleend op grond van lichamelijke beperkingen van een paard
en ook niet wanneer een paard vanwege een blessure of aandoening niet conform de reglementaire
bepalingen kan worden opgetoomd (denk aan bijv. gebits- of mondproblemen).
Toch is op dit artikel sinds april 2007 een uitzondering gemaakt en kan dispensatie worden
aangevraagd en verkregen om te mogen rijden met een neusnetje/oornetje wanneer er sprake is van Head Shaking Syndrome.
In onze optiek valt Head Shaking Syndrome onder "lichamelijke beperkingen of aandoening" van een paard, dus vanwaar wel deze ene uitzondering?
Volgens artikel 144 punt 7 dient het deel van het bit dat op de lagen van de paardenmond rust bij de
trenzen minimaal 1,0 cm dik te zijn. Uit onderzoek van Brokx Sport - in opdracht van Sprenger; zie ook Onderzoek Sprenger - is echter gebleken dat de
gemiddelde ruimte (en dan spreken zij over gemiddelden, dus paarden van 1.80 meter, tot
mini-shetlanders) in de paardenmond, op de plaats waar het bit komt te liggen, 14 mm is. Dit betekent dus dat voor paarden en pony's met een ruimte van minder dan 1,0 cm in hun mond,
met een veel te dik bit in lopen!
En je kunt je nu vast wel voorstellen wat zich in de "hogere"
dressuur afspeelt, met stangen van wel 22 mm dik, met daarbij ook nog eens een
onderlegtrens. Met deze veel te dikke bitten kan een paard, of hij nou wel of geen dikke tong heeft, totaal geen
slikbeweging meer maken en wordt bovendien de tong volledig afgekneld en gekneveld.
Voorheen stond in artikel 145 dat een tonglepel niet toegestaan was van klasse Z1.
Nu is het dus zo dat in de Z-klasse nog steeds met een tonglepel gereden mag worden, wanneer nog niet met stang&trens
gereden wordt. Het is ronduit schandalig dat de tonglepel überhaupt toegestaan is.
Wat de bittencontroles betreft: deze wordt volgens de KNHS steekproefsgewijs uitgevoerd, maar vinden in de praktijk nauwelijks plaats,
worden uitgevoerd door niet-deskundigen en er wordt alleen gekeken of het betreffende bit
volgens de reglementen wel toegestaan is, en nièt of het bit wel of niet past en goed in de mond ligt. Bovendien is het nogal zinloos dat de bittencontrole
pas ná de proef plaatsvindt en nièt vóór de proef; indien het bit niet deugde, dan is het kwaad dus al geschied.
Argument van de KNHS hiervoor is dat een bittencontrole tot spanning kan leiden bij het paard, wat de proef niet ten goede komt.
Update 12 november 2008: In de Notitie Welzijn - genaamd "Sleutelrol voor welzijn" - van de KNHS d.d. 30 oktober 2008 wordt de aanbeveling gedaan
om het bitloos rijden van dressuurproeven reglementair toe te staan.
In het Plan van Aanpak Welzijn in de sector Paardenhouderij van januari 2009 staat dat de KNHS wedstrijden gaat uitschrijven
die uitsluitend bestemd zijn voor combinaties zonder bit.
Er komt dus een mogelijkheid om bitloos aan officiële wedstrijden deel te nemen, ookal is dit (nog) gescheiden van de wedstrijden met bit.
Update 13 januari 2009: In het Plan van Aanpak Welzijn in de sector Paardenhouderij, dat op 13 januari 2009 aangeboden is
aan minister Verburg van LNV, staat: "De KNHS gaat wedstrijden uitschrijven, die uitsluitend bestemd zijn voor combinaties zonder bit."
Per wanneer dit gaat gebeuren, is nog niet bekend.
Update 25 april 2009:
De KNHS bekijkt of bitloze optomingen toegestaan kunnen worden in de wedstrijdring. Op 1 april 2010 neemt de KNHS regels op over het rijden zonder bit op wedstrijden.
Momenteel is het in alle takken van de sport, met uitzondering van de springsport en de endurance, nog niet toegestaan om bitloos te rijden op wedstrijden.
Ook organiseert de KNHS dit jaar een testwedstrijd voor bitloos rijden.
Update 9 juni 2009:
Op vrijdag 10 juli organiseert de KNHS in Ermelo een proefwedstrijd voor dressuurruiters die bitloos willen rijden op wedstrijden. De KNHS biedt bitloze
combinaties de mogelijkheid om te starten in alle dressuurklassen van de breedtesport, dus vanaf de B tot en met de Z2.
De KNHS wil de ervaringen van de pilotwedstrijd gebruiken om te bepalen op welke wijze het bitloos dressuurrijden ingepast wordt in de KNHS-wedstrijdreglementen
per 1 april 2010.
Update 16 juli 2009:
De KNHS werkgroep bitloos rijden heeft de eerste resultaten van de proefwedstrijd die afgelopen vrijdag in Ermelo werd verreden, in kaart gebracht. De KNHS streeft
er naar in april 2010 de reglementen dressuur, zoals iedere drie jaar gebeurt, aan te passen. Bitloos rijden in de dressuursport zal deel uitmaken van die vernieuwingen.
Update 4 december 2009:
Er ligt een voorstel ter goedkeuring bij de Ledenraad van de KNHS om het mogelijk te maken per 1 april 2010 dressuurproeven bitloos te rijden in de klassen B t/m L2.
Tijdens reguliere wedstrijden zullen aparte rubrieken bitloos worden georganiseerd, waarbij deze rubrieken beoordeeld worden door reguliere juryleden met de
bevoegdheid bitloos. De winstpunten zullen apart door de KNHS bijgehouden worden.
Update 18 januari 2010:
De Ledenraad van de KNHS is akkoord gegaan met de wijzigingsvoorstellen in het Disciplinereglement Dressuur.
Hiermee is het bitloos rijden van dressuurproeven t/m de klasse L2 in aparte rubrieken, binnen de reglementen van de KNHS, vanaf 1 april 2010 een feit.
De KNHS is momenteel bezig met het samenstellen van lesmateriaal voor de opleiding voor juryleden voor de module bitloos, die half maart
gaat plaatsvinden. Begin januari hebben zich vijftien juryleden voor deze bijscholing aangemeld.
Update 21 januari 2010:
De Ledenraad van de KNHS heeft 14 januari ingestemd met het voorstel dat per 1 april 2010 dressuurproeven bitloos gereden mogen worden. Hiermee is de KNHS
na Zuid-Afrika de tweede nationale federatie die het bitloos rijden in dressuurproeven toestaat. Wedstrijdorganisaties kunnen op KNHS-wedstrijden rubrieken
dressuurproeven bitloos rijden gaan uitschrijven in de klassen B t/m L2 dressuur.
|
Springen
Uit het Disciplinereglement Springen - versie 2009-1:
Artikel 257 – Harnachement en hulpmiddelen
1. Harnachement
Het paard dient te zijn opgetoomd met een goed passend en in behoorlijke staat verkerend engels, of hierop lijkend zadel, hoofdstel en bit.
In 1.a.: De teugel(s) moeten aan het bit of direct aan het hoofdstel zijn bevestigd.
Uit Toegestane bitten op springwedstrijden- 7 april 2010:
De situatie per 1 april 2010 is als volgt:
In de springsport is een bit niet verplicht indien de teugel aan de neusriem wordt vastgemaakt.
Uit de Reglementswijzigingen Wedstrijdreglement Springen, wijziging op versie 2009,
vastgesteld door de Ledenraad op 14 januari 2010 – ingangsdatum 1 maart 2010: Er mag geen gebruik gemaakt worden van een kinriempje behalve bij het Pelhambit.
Bovenstaand is besloten en gepubliceerd in de eerste kwartalen van 2009 en 2010. Voor die tijd zagen de springreglementen er op sommige vlakken
nog anders uit. Ter info hier de tekst zoals het voor de reglementswijzigingen op deze site vermeld stond.
Uit het Disciplinereglement Springen - 1 april 2007:
Artikel 257 – Harnachement en hulpmiddelen
De teugel(s) moeten aan het bit of direct aan het hoofdstel zijn bevestigd en dient/dienen te bestaan uit enkele of dubbele gladde leren teugel(s), dan wel
en gevlochten, linnen of rubberen teugel. Wanneer de teugel direct aan het hoofdstel wordt bevestigd, is het niet verplicht een bit te gebruiken.
Er mag gebruik gemaakt worden van een kinriempje bij alle bitten.
|
Conclusie springen
Bitloos springen is toegestaan.
Eventing
Tijdens een samengestelde wedstrijd (SGW) rijden de combinaties een dressuurproef, een springparcours en een crosscountry (de "cross").
Het harnachement voor een SGW-wedstrijd is hetzelfde als voor een spring- en dressuurwedstrijd.
In het Wedstrijdreglement Endurance staat niets vermeld over de optoming.
In het Disciplinereglement Eventing - 1 maart 2007 wordt voor de
optoming en harnachement telkens verwezen naar de FEI-reglementen vanaf de klasse Z die hiervoor gelden.
De optoming voor de Z-dressuur eventing is gelijk gesteld aan hetgeen opgenomen is in de FEI reglementen. In de Z wordt immers de CIC* proef vereden.
Concreet betekent dit het volgende: - rijden op trens (geen stang en trens).
Conclusie eventing
Bitloos eventing is deels toegestaan; de onderdelen springen en cross mogen bitloos, het onderdeel dressuur moet met bit.
Endurance
In het Disciplinereglement Endurance staat niets vermeld over de optoming.
Uit het Algemeen Wedstrijdreglement Endurance - 1 april 2008:
Gedragscode Welzijn van het paard, bijlage 3
1.c. Hoefbeslag en optoming
Hoefverzorging en hoefbeslag moeten van hoge kwaliteit zijn. De optoming moet een zodanige pasvorm hebben dat pijn of verwondingen worden voorkomen.
Conclusie endurance
Bitloos endurance is toegestaan.
Western
Via de website van de Western Ruiter Associatie Nederland (WRAN) kun je naar
het Regelboek uitgave 2008.
De disciplines die onder western vallen, zijn: junioren, reining, western riding, trail, western pleasure, western horsemanship, showmanship at halter,
versatile horse, combinatie-disciplines, barrel race, pole bending, freestyle reining, dissciplines met vee, working cow horse, cutting,
team penning en spellen.
(In de western wordt met een 'bit', een bit met shanks (scharen) bedoeld, een snafflebit is een trens.)
Uitrusting
402. De volgende optoming is toegestaan:
- 4 en 5 jarige paarden in "Junioren” onderdelen: snafflebit of bosal; tweehandige teugelvoering
- 4 en 5 jarige paarden in andere onderdelen: snafflebit of bosal; tweehandige teugelvoering;
òf: bit; éénhandige teugelvoering
- 6 jarige paarden en ouder: bit; éénhandige teugelvoering.
Bij "tweehandige teugelvoering" wordt aanbevolen beide teugels d.m.v. een
zogenaamde "teugelbrug" door beide handen te voeren. Omdat de bewegingsvrijheid van de
handen kleiner is en daarmee de moeilijkheidsgraad groter, zullen ruiters die dit advies
opvolgen bij gelijke prestatie hoger gewaardeerd worden.
403. Als het reglement refereert aan een "bosal" wordt bedoeld een bosal van ruw of bewerkt leer of van gevlochten touw.
Metaal, onverschillig met welke bekleding, is niet toegestaan. De bosal moet zo breed zijn, dat twee vingers tussen het
paardenhoofd en bosal zich bewegen kunnen.
405. Wordt in dit reglement een "snafflebit" genoemd, dan wordt bedoeld een zacht, glad, metalen bit met gebroken
mondstuk en O-ring, ovale ring of D-ring, waarbij de diameter van de ring niet groter dan 10 cm mag zijn en de omtrek van
de ring vrij moet zijn van verbindingen voor bakstuk, teugel of kinriem/ketting die hefboomwerking kunnen veroorzaken. De
verplichte kinriem moet niet te vast zitten (alleen leer of nylon).
Teugels moeten boven de kinriem aangebracht zijn.
Wanneer in dit reglement een "bit" genoemd wordt, betekent dit een stang of trens met scharen!
Bij een drie-delig mondstuk dient het middendeel een verbindingsring van maximaal 3 cm doorsnede, of een
verbindingsstrip met een breedte van minimaal 1 cm tot maximaal 1,8 cm en lengte van maximaal 5 cm te zijn dat plat
in mond van het paard ligt. De teugels aan een snaffle bit dienen z.g. Split Reins te zijn
uit eender welk materiaal.
406. Toegestane bitten: snaffle w/Shanks, "grazer" of "curb" bitten
voorzien van kinriem. Maten volgens tekening. Als alternatief voor de kinriem is
bij een bit een kinketting toegestaan (hieronder wordt ook verstaan: een samenstel van
maximaal twee kettingen waarvan beide kettingen even lang zijn, onlosmakelijk en
zonder tussenruimte aan elkaar verbonden zijn over de hele
lengte waarover zij op het paard inwerken, en vlak zijn). De kinketting moet tenminste 1,3 cm breed zijn en vlak tegen de
onderkaak dan wel in de kingroeve van het paard liggen.
Afwijkende bepaling op uitrusting volgens paragraaf 400 e.v.
In de klasses L5 t/m L3 is het toegestaan om paarden met bosal te rijden.
Dat houdt dus in dat je in de beginnersklasses gewoon bitloos kunt starten, ongeacht de leeftijd van het paard.
Wel is de keuze van de bitloze optoming beperkt, namelijk de bosal. In het regelboek staat dit als volgt vermeld:
Klasse L5, 356: deelnemers dienen alle paarden te starten met snaffle-bit of bosal en te rijden met twee-handige teugelvoering.
Klasse L4, 366: deelnemers dienen alle paarden te starten met snaffle-bit of bosal en te rijden met twee-handige teugelvoering.
Klasse L3, 376: het is deelnemers toegestaan om paarden van alle leeftijden te starten met snaffle-bit of bosal
en te rijden met twee-handige teugelvoering.
Conclusie western
Bitloos western is bij de WRAN toegestaan t/m de leeftijd van het paard van 5 jaar. Bitloos western rijden met
een paard van 6 jaar of ouder is toegestaan in de L5 t/m L3.
Bovenstaand geldt alleen voor wedstrijden van de WRAN. De reining- en rassenorganisaties hebben weer andere en eigen regels.
Bij de NCHA (National Cutting Horse Association) bijvoorbeeld mag je altijd bitloos starten. Gezien het grote aantal organisaties
in de westernwereld voert het te ver om deze hier allemaal uiteen te zetten.
Reining
Op de website van de Dutch Reining Horse Association (DRHA) alsmede
in de laatste wijzigingen in het Reining reglement is niets te vinden over het bit.
Conclusie reining
Aangezien reining onder western valt, nemen we aan dat bitloos reining is toegestaan t/m de leeftijd van het paard van 5 jaar.
TREC
Op de website van TREC.nl zijn de reglementen te vinden.
In dit reglement vind je de regels voor de optoming en wel als volgt:
Artikel 10-1 Uitrusting
De optoming is vrij. Hackemore is toegestaan. Gebruik van hulpteugels is niet toegestaan, m.u.v. de Thieddemannteugel (enkel in Nederland). Dit
omdat het een veiligere of betere situatie kan opleveren (bv in het verkeer, open vlaktes, ruggebruik, etc).
Bij het gebruik van een martingaal, waardoor geleiden van het paard niet mogelijk is, is een extra voorziening gewenst om het paard toch veilig te kunnen geleiden.
Conclusie TREC
Bitloos TREC is toegestaan.
Voltige
In het Algemeen wedstrijdreglement Voltige - 1 april 2008 staat niets vermeld over de optoming.
Uit het Disciplinereglement Voltige - 1 maart 2007:
Artikel 711 - Uitrusting en optoming voltigepaard
1. De uitrusting van een voltigepaard bestaat uit:
a. Een hoofdstel met een africhtingsneusriem, engelse neusriem of een gecombineerde neusriem en een trens van voldoende breedte en dikte
(minimaal 1 cm).
2. Bevestiging van de longe
De longe mag uitsluitend op één van de onderstaande wijze aan het hoofdstel worden bevestigd: Voor alle klassen met
uitzondering van het basispaardrijden, klasse D en E: Alleen aan de binnenste trensring.
Voor het basispaardrijden, klasse D en E:
a. Aan de binnenste trensring;
b. Aan de neusriem;
c. Aan de binnenste trensring en de neusriem;
d. Door de binnenste trensring heen, over het hoofd geleid, aan de buitenste trensring;
e. Door de binnenste trensring heen, eventueel met een slag om de binnenste
trensring, aan de buitenste trensring. In dit geval mogen er geen metalen delen
van bevestigingsconstructie tegen de huid van het paard komen. Een riemconstructie
met de gesp aan de buitenzijde wordt in dit geval aanbevolen.
Conclusie voltige
Bitloos voltige is niet toegestaan. De longe mag echter wel bevestigd worden aan de neusriem.
Mennen
Uit het Disciplinereglement mennen - 1 april 2007:
Artikel 408 – Tuigen
5. Het gebruik van een hoofdstel zonder bit (hackamore) is niet toegestaan, ook niet wanneer
het gebruikt wordt in combinatie met een bit. De bitten behoeven niet gelijk (van uiterlijk) te zijn.
6. Het is verboden de tong op enigerlei wijze vast te binden.
Artikel 426 – Toezichthouder
3. De bittencontrole en controle van het harnachement vind plaats na afloop van de proef en
moet met de grootst mogelijke omzichtigheid uitgevoerd worden. Desgewenst mag de
toezichthouder de groom / begeleider verzoeken de mond van het paard te openen.
Artikel 549 Tuig
4. Het gebruik van een hoofdstel zonder bit (hackamore) is verboden.
5. Het is verboden de tong van een paard/pony vast te binden.
Conclusie mennen
Bitloos mennen is niet toegestaan.
In het disciplinereglement wordt geregeld gesproken over dat het paard "aan het bit" moet zijn.
In artikel 413 staat: "Het paard mag zich nooit tegen de aanleuning verzetten. Het moet steeds vol vertrouwen
een lichte aanleuning naar voren zoeken. Daarbij moet de mond gesloten zijn; het paard
moet het bit afkauwen. Het knarsen met de tanden of het zo nu en dan uitsteken of
omhoogtrekken van de tong wordt als een kleine fout beschouwd. Daarentegen wordt het
over het bit gooien van de tong en het langdurig uitsteken van de tong als een grotere fout
beschouwd."
Aangespannen sport
Uit het Algemeen wedstrijdreglement Aangespannen Sport - 1 april 2008, versie 2007-2:
2. De hulpmiddelen
2b. Bij paarden die vanaf 2005 nieuw in de sport zijn of worden uitgebracht, is
het verboden de tong vast te zetten. Bij paarden die geboren zijn in of na het
jaar 2002, is het verboden de tong vast te zetten. Voor paarden die voor het
jaar 2002 geboren zijn en voor of in het jaar 2004 al in de aangespannen sport
werden uitgebracht en waarvan de tong wordt vastgezet, kan hiervoor door de
startkaarthouder dispensatie worden gevraagd bij de KNHS.
Conclusie aangespannen sport
Hoewel het noch in het wedsrijdreglement noch in het disciplinereglement staat beschreven, is bitloos aangespannen sport niet toegestaan.
Het is te pijnlijk voor woorden dat het vastzetten van de tong in het verleden gewoon werd toegestaan, dat het
überhaupt werd gedaan, gangbaar en "normaal" was. En anno 2009 kun je nog steeds dispensatie van het verbod aanvragen en verkrijgen...!
Ruiter- en koetsiersexamen
Stelling van de Stichting Rijvaardigheidsbewijzen Recreatieruiter (SRR):
"Het rijvaardigheidsbewijs draagt bij aan een veiliger beoefening van de paardensport en de versterking van
de positie van de recreatieve paardensport in Nederland".
Eén van de "veiligheidsvoorschriften" binnen de SRR is het bit. Dit terwijl er inmiddels honderden mensen bitloos rijden met
hun paard, ook in het verkeer, en blijkt dat bitloos voor hen jùist bijdraagt aan het "veiliger".
Het ruiterexamen
Zowel in Het Ruiterbewijs
als in de Exameneisen Ruiterbewijs (praktijkexamen)
als in het Aanmeldformulier Ruiterbewijs
als op de website van de KNHS op de pagina
over Het Ruiterbewijs
staat niets beschreven over het harnachement en het bit.
We hebben de examenvoorschriften ten aanzien van het harnachement opgevraagd:
9.2 Examenvoorschriften Harnachement (Ruiterbewijs)
1. Het paard dient te zijn opgetoomd met een deugdelijk, goed passend en in behoorlijke staat van onderhoud verkerend rijzadel,
hoofdstel en bit.
4. De bitten dienen een minimale dikte te hebben van 1,5 cm. De minimale dikte van de bitten voor
pony's is 1 cm. Alle afgebeelde bitten zijn toegestaan. (Dit zijn: watertrens, dubbel gebroken trens, bustrens, D-trens, en twee soorten
western bitten. Alle trenzen behalve de dubbel gebroken trens mogen met rubber of met leer omkleed zijn.)
(Er is een apart ruiterbewijs voor western ruiters. Zij mogen tijdens het examen alleen op een snaffle bit -
zonder scharen, eventueel voorzien van een kinriem - rijden.)
* Het gebruik van mondbeschermers - gladde rubberen bitringen - is toegestaan. De teugels mogen
alleen zijn vastgemaakt aan het bit, dat glad dient te zijn zonder scherpe randen en van een zodanige dikte, dat het deel van het bit dat
op de lagen van de paardenmond rust bij de trenzen een dikte heeft van tenminste 1,5 cm en bij pony's tenminste 1 cm.
Conclusie deelname ruiterexamen
Dat het bit minstens 1,5 cm dik moet zijn, is een kwalijke zaak. Uit onderzoek van Brokx Sport - in opdracht van Sprenger; zie
ook Onderzoek Sprenger - is namelijk gebleken dat de
gemiddelde ruimte (en dan spreken zij over gemiddelden, dus paarden van 1.80 meter, tot
mini-shetlanders) in de paardenmond, op de plaats waar het bit komt te liggen, 14 mm is. Dit betekent dus dat een bit van minstens 1,5 cm dik
véél te dik is voor de meeste paarden en pony's!
Medio 2007 was bitloos deelnemen aan het ruiterexamen nog steeds niet toegestaan en zelfs niet bespreekbaar.
Sinds begin 2008 heeft de SRR een nieuw standpunt ingenomen, namelijk als er een medische oorzaak is waardoor het paard niet met
bit gereden kan worden, kan er ontheffing met verklaring van de behandelend dierenarts gevraagd worden voor het
rijden zonder bit.
Om ontheffing van de bitverplichting te verkrijgen, volstaat een verklaring van je dierenarts dat je paard een gevoelige mond, lagen en/of tong heeft.
Je kunt je ontheffingsverzoek sturen naar de SRR, Postbus 3040, 3850 CA Ermelo, met vermelding waar en wanneer je het examen gaat doen en voorzien van
de medische verklaring van je dierenarts.
Wat het wel of niet verzekerd zijn volgens het Ruiter- c.q. koetsiersbewijs wanneer je bitloos rijdt, geeft de SRR het volgende aan:
"Je bent wel gewoon verzekerd als je bitloos rijdt, er zijn geen bepalingen aan optoming bij de verzekering.
Alleen: als er echt grote schade is, zal de verzekeraar altijd kijken in hoeverre je zelf al dan niet schuldig bent
aan het veroorzaken van de schade." Maar goed, dit geldt natuurlijk ook voor het rijden mèt bit.
Helaas is het nog niet zo dat men zondermeer bitloos kan deelnemen aan het ruiterexamen. Blijkbaar heeft dit meer tijd nodig bij instanties als de SRR/KNHS.
Maar het begin - het verlenen van ontheffing - is er. En het zal niet lang meer duren dat bitloos rijden een algemeen geaccepteerd en erkende manier van rijden is,
ook binnen de SRR.
Het koetsiersexamen
Zowel in Het Koetsiersbewijs
als in de Exameneisen Koetsiersbewijs (praktijkexamen)
als in het Aanmeldformulier Enkelspan Koetsiersbewijs
als op de website van de KNHS op de pagina
over Het Koetsiersbewijs
staat niets beschreven over het harnachement en het bit.
We hebben de examenvoorschriften ten aanzien van het harnachement opgevraagd en ook in de
Examenregels Koetsiersbewijs staat niets beschreven over het bit.
Conclusie deelname koetsiersexamen
Op basis van bovenstaand zouden we kunnen aannemen dat dit inhoudt dat zowel alle soorten bitten als geen bit is toegestaan. Toch zijn er weldegelijk eisen
omtrent het bit en is bitloos niet toegestaan. Vreemd genoeg staat dit nergens beschreven.
Helaas is het bit bij het koetsierbewijs nog wel verplicht (omdat - volgens de SRR - de examinator meerijdt op de aanspanning), maar we hebben goede hoop dat
ook hier een nieuw standpunt op ingenomen wordt.
|
|